Add to Netvibes
    wigman schouten a thing of beauty
    Wigman & Schouten
    a thing of beauty  


    leon de winter het recht op terugkeer
    Leon de Winter
    het recht op terugkeer  


    a f th van der heijden schervengericht
    A.F.Th.
    schervengericht  


    james joyce ulysses
    james joyce
    ulysses  


    kader abdolah het huis van de moskee
    kader abdolah
    het huis van de moskee  


    arthur japin alle verhalen
    arthur japin
    alle verhalen  


    namoi klein the shock doctrine
    namoi klein
    the shock doctrine  


    theodore dalrymple beschaving of wat er van over is
    theodore dalrymple
    beschaving, of wat  
    er van over is  

    johan ter beek emerging churches
    johan ter beek
    emergingchurches.nl  


    james k.a. smith who's afraid of postmodernism?
    james k.a. smith
    who's afraid of pomo?  


    shane claiborne the irresistable revolution
    shane claiborne
    the irresistable revolution  


    floyd macclung ik zie een leger
    floyd macclung
    ik zie een leger  


    tim kimmel genade als basis
    tim kimmel
    genade als basis  


    there will be blood
    there will be blood

    the kite runner
    the kite runner

    eastern promises
    eastern promises

    control
    control

    babel
    babel

    das leben der anderen
    das leben der anderen

    little miss sunshine
    little miss sunshine

    adam's apples
    adam's apples

    sa som i himmelen
    as it is in heaven

    mary
    mary

    we feed the world
    we feed the world

    asshak
    asshak

    het is een schone dag geweest
    het is een schone
    dag geweest







































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































29.2.08

de ontmaskering - 2

vervolg van het verhaal `de ontmaskering'. Lucian heeft zich teruggetrokken in een grot en herinnert zich hoe hij daar is gekomen.

Lucian was geboren met een masker. Althans, die had men hem vlak na zijn geboorte gegeven. In de gemeenschap waar hij opgroeide droeg iedereen zo’n masker. De maskers waren allemaal hetzelfde: strenge, strakke gezichten van wit gips. Van jongs af aan werd hem geleerd dat hij zich aan de regels moest houden en hard moest werken. Gevoelens en emoties werden onderdrukt. Je mocht het onder geen beding laten merken wanneer je geëmotioneerd was. En dankzij het masker kon niemand het ook zien. Voor Lucian was dit heel gewoon, hij was immers niet anders gewend, maar toch begon hij, terwijl hij opgroeide, zich steeds benauwder te voelen. Er miste iets in zijn leven, maar wat, dat wist hij niet.

Toen Lucian ouder werd mocht hij soms wat verder van de leefgemeenschap vandaan. Er werd hem wel gewaarschuwd voor de wereld buiten het kamp, hij was dus altijd op zijn hoede. Op een dag kwam hij in de buurt van het kamp van een andere groep. Nieuwsgierig geworden door de vrolijke geluiden die daarvandaan kwamen (dat kende hij helemaal niet) kroop hij dichterbij. Hij zag een groep mensen die uitzinnig aan het dansen waren rondom een soort altaar. Ze hadden ook allemaal maskers op, maar dit waren heel andere maskers: vrolijke, blijde maskers met veel kleuren. De mensen zwaaiden met hun armen en schreeuwden dat het een lieve lust was. Lucian vond het eerst maar een chaotische wanordelijke boel, maar iets trok hem ook aan in het geheel. Hoe kon het dat deze mensen zo onbelemmerd hun emoties durfden uiten? Het was een beetje eng, maar hij verlangde hier eigenlijk ook naar. Voorzichtig sloop hij dichterbij. De mensen waren zo met zichzelf bezig dat ze hem pas opmerkten toen hij midden in de kring stond. Hij werd van harte welkom geheten en ze kwamen hem allemaal handen schudden, sommigen gaven hem zelfs een stevige knuffel. Een beetje beduusd maar met een warm gevoel in zijn buik begon Lucian voorzichtig mee te doen. Hij begon zich thuis te voelen hier, en hij vergat de tijd.


>>lees verder

26.2.08

de ontmaskering - 1

Dit is het eerste deel van een allegorisch verhaal dat ik aan het schrijven ben. De komende weken zal ik steeds een stukje plaatsen (als een soort feuilleton). Ik wens je veel leesplezier en hoop dat je in het verhaal iets herkent, er iets uit kunt halen voor jezelf.

Lucian strompelde moeizaam voort door het hete stof. Hij was al een paar dagen geen bron meer tegengekomen, en nu was het beetje water uit zijn veldfles ook al bijna op. Een paar uur geleden had hij aan de horizon een rotsformatie uit het zand zien oprijzen. Aanvankelijk had hij getwijfeld of het geen luchtspiegeling was, maar nu hij dichterbij kwam werd het steeds reëler. Eindelijk: een schuilplaats, een plek waar hij zich kon verbergen. Weg van de wereld, weg van de mensheid, weg van alles. Daar zou hij rustig zijn laatste dagen kunnen slijten tot hij uiteindelijk, vroeg of laat, dood zou gaan.
Op zijn laatste krachten sleepte Lucian zich door een opening in de rotsen naar binnen in een smalle maar diepe grot. Binnen was het koel en vochtig. Hij kroop in een hoek en zakte uitgeput in elkaar. Vrijwel ongemerkt gleed hij weg in een diepe droomloze slaap. Toen hij wakker werd, hij had geen idee hoe lang hij had geslapen en in de grot was het donker dus wist hij niet of het dag was of nacht, voelde hij zich leeg en triest. Zijn gedachten vulden zich langzaam met herinneringen.


>>lees verder

25.2.08

apocalyps

op de laatste adem van beschaving, in-
terend op bloed zweet en tranen
van ooit moeizaam verbeelde verworvenheden;
aan dronken tafels, volgevreten, zwijgend geweten,
laten wij ons voortdrijven door velden van vergeten.
vette koeien, vette aren; geen verleden, geen verhalen;
en niemand die nog dromen kan verklaren

Dit is een van de gedichten die ik deze maand heb geschreven.
Kijk op mijn gedichten-site of op dichttalent als je meer wilt lezen.

de jongen zonder schaduw

Hij wilde ook zo graag zonder schaduw zijn. Op de grote koning lijken, zodat de koning trots en blij met hem zou zijn. De jongen dacht hier een paar dagen over na en kwam toen tot een idee. "Stel dat ik mijn schaduw weet te vangen en in een zak kan opbergen, ben ik ook zonder schaduw."

Matthijs Vlaardingerbroek heeft een prachtig sprookje geschreven over een opgroeiende jonge leider die los moet komen van de pijn uit zijn verleden. Heel herkenbaar en zeker de moeite van het lezen waard.
Toevallig ben ik zelf ook bezig met een allegorisch verhaal. Binnenkort zal ik hiervan het eerste deel op deze weblog publiceren, en dan in de komende weken steeds een vervolg, als een soort feuilleton.

2.2.08

incarnatie

In het februari-nummer van CV-koers een gesprek tussen een `emerging churcher’ (Johan ter Beek) en een gereformeerde predikant (Jos Douma) over kerk-zijn in een nieuwe (lees: post-moderne) cultuur. Waar `emerging church’ aan het eind van de vorige eeuw vooral een onvolwassen pioniersbeweging van een aantal dappere outsiders was, lijkt de beweging zich nu een vaste plek veroverd te hebben op het kerkelijk erf en is er zelfs sprake van dialoog met de `gevestigde’ kerken (of moet ik zeggen: de andere gevestigde kerken…)

Emerging Church zou moeten draaien om `incarnatie’, het tegelijk één worden met én beïnvloeden van de wereld om ons heen (zoals Jezus ook `incarneerde’ door zijn komst naar deze wereld). Meer en meer echter worden emerging churches elitair-egalitaire clubs met eigen programma’s, herkenbare identiteit en plaats van samenkomst. Wezenlijk niets nieuws dus, zij het dat een andere doelgroep wordt bereikt en vormen worden ontwikkeld die beter passen bij onze `post-moderne’ tijd (wat dat dan ook moge wezen).

Incarnatie gaat veel verder dan dat. In hetzelfde nummer van CV-koers een interview met Floyd McClung, voormalig directeur van Ywam, voormalig voorganger en schrijver van het boek `ik zie een leger - kerk zijn op een andere manier’. McClung brengt kerk-zijn terug naar de werkelijke essentie, namelijk: “de kerk is niet iets wat je dó ét, maar wie je bent in gemeenschap met anderen”. McClung komt niet met een theologisch betoog of post-moderne verhandeling, hij spreekt uit eigen ervaring. Samen met zijn gezin bracht hij dit in praktijk in Amsterdam, Afghanistan, en tegenwoordig in Zuid-Afrika, waar hij met zijn vrouw woont.

In een gesprek dat ik vorige week had met een goede vriend (die momenteel ook deel uitmaakt van een `emerging-church’) kwamen we uit op hetzelfde punt. De tijd voor creatieve experimenten en veilige vriendenclubjes is geweest. Het wordt tijd dat er mensen gaan opstaan die het aandurven om echte risico’s te nemen en iets echt nieuws te doen.
Incarnatie betekent dat de kerk als instituut (in wat voor vorm dan ook) zichzelf oplost in de wereld om zich heen en begint om Kerk te zijn, zout te zijn, licht te zijn í n die wereld. Dat betekent niet dat we elkaar niet meer nodig hebben en allemaal individualisten worden; het betekent wel dat kerk-zijn ontdaan wordt van alle opsmuk en overbodige ballast en dat we teruggaan naar de essentie: wie ben ik in relatie met de mensen om mij heen?
Daarvoor zijn geen kerkgebouwen meer nodig. Ook geen vernieuwende programma’s of gedelegeerd leiderschap. Wat nodig is zijn lef, geloof, kwetsbaarheid, liefde voor God én voor de wereld, en een heel nieuw soort dynamisch leiderschap, gericht op ondersteuning, toerusting en bemoediging.

Hoor je me zeggen dat iedereen het verkeerd doet, dat ik het allemaal beter weet en de wijsheid in pacht heb? Integendeel: ik weet steeds minder en voel me in toenemende mate onzeker. Ik weet niet goed waar ik moet beginnen, en al helemaal niet waar het heen moet.
Maar ik kom tot de ontdekking dat er meer mensen zijn die op dit punt zijn aangekomen. Als we elkaar gaan opzoeken, onze verhalen, dromen en twijfels gaan delen en samen op weg gaan, op zoek naar God, op zoek naar elkaar, dan zal er vanuit die gemeenschap iets geboren gaan worden. Niet bedacht, niet door mensenhanden tot stand gekomen, maar geboren uit het hart van God.
Het vaderhart van God.

Relirel: evangelisatie-incarnatie